Organisatie en structuur
Het St. Anna Gilde wordt geleid door een Overheid van vijf personen: Hoofdman, Vaandrig, Koning, 1e Deken en 2e Deken. Zij worden ondersteund door een penningmeester en secretaris.
Elke functie heeft eigen symbolen, zoals de zilveren sikkel van de Hoofdman, het vaandel van de Vaandrig en de koningsmantel met schilden.
Het gilde kent vaste rituelen en activiteiten:
- Elke 4 jaar koningsschieten
- Eed van trouw aan kerk en wereldlijk gezag
- Gildemis en vendelgroet
- Deelname aan regionale gildedagen
- Een jaarlijkse teeravond
Het gilde bewaakt tradities en staat open voor iedereen die geloof, eerbaarheid en trouw hoog houdt.
1. Oorsprong
De oudste wortels van het gilde liggen bij de Germaanse “gehilde”‑verbonden, waarin vrije mannen zich verenigden voor wederzijdse bescherming en religieuze verbondenheid.
In de middeleeuwen groeiden deze verbanden uit tot schuttersgilden en broederschappen, vaak verbonden aan kerken en dorpsgemeenschappen.
Belangrijke ontwikkelingen:
- De Bourgondische tijd (15e eeuw) stimuleerde gildevorming
- De kruistochten en opkomst van vrije burgers maakten gilden toegankelijker
- In de Kempen ontstonden zowel schuttersgilden als broederschappen; Westerhoven werd in de volksmond “De Guld” genoemd, wat wijst op een broederschappelijke oorsprong
2. Geschiedenis 1400 tot 1648
In de 15e en 16e eeuw werd de Kempen herhaaldelijk getroffen door oorlogen, plunderingen en brandschattingen.
Toch ontstonden in deze periode veel gilden, mede dankzij het Groot Privilege van 1477 dat lokale vrijheden herstelde.
Voor Westerhoven relevante gebeurtenissen:
- 1444: Westerhoven wordt zelfstandige parochie
- 1477–1488: sterke groei van gilden in de regio
- 15e–16e eeuw: herhaaldelijke oorlogen, o.a. door Gelderse troepen en Spaanse soldaten
- 1598: verslag van een aanval op Westerhoven waarbij inwoners zich verdedigden
Hoewel de exacte oprichtingsdatum onbekend is, wijzen omstandigheden op een ontstaan in de late 15e eeuw.
3. Onderdrukking en overleven 1648 tot 1760
Na de Vrede van Münster (1648) werd het katholieke leven in de Meierij zwaar onderdrukt. Kerken werden gesloten, gildegebruiken verboden en symbolen moesten worden aangepast.
Toch bleven veel tradities in stilte voortbestaan.
De regio werd opnieuw getroffen door geweld:
- 1688: Franse troepen branden meerdere dorpen plat
- 1702: een Frans leger van 10.000 man verwoest vrijwel alle bezittingen in Westerhoven
- 18e eeuw: herhaalde brandschattingen en armoede
Rond het midden van de 18e eeuw verdween het gilde vrijwel volledig. Maar de gildegeest bleef leven.
4. Heroprichting en nieuwe bloei 1760 heden
In 1760 werd het St. Anna Gilde officieel heropgericht.
Men begon opnieuw met slechts één oud attribuut: de ijzeren rouwpiek. Nieuwe voorwerpen werden aangeschaft, waaronder:
- Zilveren sikkels voor Hoofdman en Vaandrig
- Zilveren knoppen voor de dekenstokken
- Een nieuwe koningsvogel
- Een sluiting voor de koningsmantel
Vanaf 1761 schonken leden opnieuw schilden, en vanaf 1763 verschenen de eerste koningsschilden van het heropgerichte gilde.
In de eeuwen daarna groeide het gilde uit tot een vaste, herkenbare en trotse drager van Westerhovense tradities.